Blog
Zakgeld per leeftijd in 2026: de Nibud-tabel én wat er in de praktijk werkt
· 5 min lezen
"Hoeveel zakgeld krijgen de kinderen van m'n collega's eigenlijk?" Het is een van die vragen die iedereen wel eens heeft, maar niemand hardop stelt. Te veel en je voedt een consumptieprobleem op. Te weinig en je kind leert nooit keuzes maken. Dit stuk geeft je de cijfers van Nibud voor 2026 · plus vijf dingen die wérken, gebaseerd op wat ouders ons terug hebben verteld.
De Nibud-tabel
Nibud (Nationaal Instituut voor Budgetvoorlichting) meet wat ouders geven: per week op de basisschool (Kinderonderzoek 2023) en per maand op de middelbare school (Scholierenonderzoek 2025). Het zijn metingen, geen adviezen. Zie het als een startpunt, niet als een wet: elk gezin doet het anders en da's prima.
| Leeftijd | Zakgeld per week | Zakgeld per maand |
|---|---|---|
| 6 jaar | € 1,20 tot 2,30 | |
| 7 jaar | € 1,40 tot 2,30 | |
| 8 jaar | € 1,90 tot 2,80 | |
| 9 jaar | € 2,30 tot 2,90 | |
| 10 jaar | € 2,30 tot 2,80 | |
| 11 jaar | € 2,30 tot 3,50 | |
| 12 jaar | € 2,60 tot 4,70 | € 20 tot 22 |
| 13 jaar | € 20 tot 25 | |
| 14 jaar | € 25 tot 32 | |
| 15 jaar | € 25 tot 35 | |
| 16 jaar | € 25 tot 43 | |
| 17 jaar | € 25 tot 40 | |
| 18 jaar | € 40 tot 50 |
Bron: nibud.nl, Kinderonderzoek 2023 (basisschool, per week) en Scholierenonderzoek 2025 (middelbare school, per maand). Kleedgeld komt daar apart bij: een doorsnee middelbare scholier krijgt volgens het Nibud ongeveer € 50 per maand.
5 dingen die in de praktijk wel en niet werken
1. Betaal op een vast moment · altijd
De eerste week dat je vergeet, hoort je kind "mama, m'n zakgeld?" De tweede week komt het klagen. Door de derde heeft je kind geen idee meer of het iets tegoed heeft, en da's het einde van elk budgetsysteem. Kies een vast moment: zaterdagochtend, zondagavond, de eerste van de maand · wat dan ook. En hou je eraan. Consistentie is belangrijker dan het precieze bedrag.
2. Koppel zakgeld niet aan klusjes
Dit is tegenintuïtief, maar Nibud-onderzoek en praktijkervaring wijzen dezelfde kant op: als je zakgeld aan klusjes koppelt, leren kinderen dat "werk = geld". Prima principe, maar het leert ze niks over keúzes maken. En nog erger: als het klusje vervelend is, stoppen ze. Dan is het leer-effect weg.
Beter: zakgeld is onvoorwaardelijk (ze horen bij het gezin). Klusjes horen erbij omdat ze bij het gezin horen. Willen ze éxtra geld verdienen voor iets groots? Dan zijn klusjes-met-beloning prima · bíj het zakgeld, niet in plaats van.
3. Laat ze verkeerde keuzes maken
Je kind van 9 wil zijn hele zakgeld in één keer opmaken aan Pokémon-kaarten. Je ziet het gebeuren en je weet: over twee dagen is hij het kwijt of wil hij iets anders. De neiging is om te zeggen: "wacht, niet doen, spaar liever voor X". Die neiging moet je onderdrukken.
De hele waarde van zakgeld zit in de leérervaring · en een les die je zelf doorleeft blijft hangen, een les die je ouder je geeft niet. Laat ze gaan. Twee dagen later komt dat moment van "ik heb niks meer en ik wou iets anders kopen". Dát is de les. Niet de Pokémon-kaarten.
4. Maak het geld zichtbaar
De grootste valkuil van zakgeld: het verdwijnt in een broekzak, gaat op aan iets kleins en is weg. Je kind heeft geen idee wat er gebeurd is. Resultaat: geen reflectie, geen leer-effect.
Maak het zichtbaar. Dat kan op drie manieren:
- Drie glazen potjes: een voor sparen, een voor geven, een voor uitgeven. Beproefd en werkt goed voor 6 tot 9 jaar.
- Een notitieboekje: datum, gekregen/uitgegeven, restbedrag. Vanaf 8-10 jaar.
- Een eigen digitale plek: een app of dashboard op hun niveau, waar ze het zelf kunnen bijhouden. Vanaf 9 jaar werkt dit beter dan papier, omdat het automatisch optelt.
Als je de digitale route kiest: kies iets dat sóber is, geen reclame toont, en dat alleen hún geld laat zien.
5. Spreek spaardoelen af voor grote dingen
Zakgeld voor kleine dingen (snoep, lenen aan een vriendje), spaardoelen voor grote (een game, een kettinkje, een concertkaartje). Dat onderscheid helpt kinderen om het verschil te leren tussen impulsen en wensen.
Praktisch: laat ze het spaardoel op een visueel zichtbare plek zetten. Een tekening op de deur, een doel in een app, een plaatje op het prikbord. Elke week er even naar kijken en zien hoeveel dichterbij het is, is motiverend. Elke maand uit het oog verloren, is demotiverend.
Wat als ze hun zakgeld steeds op hebben?
Een vraag die we vaak terug horen. Twee antwoorden.
Korte termijn: dat is prima. Zakgeld is er om mee te leren, niet om perfect te besteden. Een paar maanden "alles op" is onderdeel van het proces. Frustratie is de leermeester.
Lange termijn (6+ maanden): dan is het tijd voor een gesprek. Niet in de vorm van "je moet sparen", wel als "zullen we samen kijken waar het heen gaat?". Help ze een paar weken bijhouden waar hun geld heen gaat. Vaak is de grote verrassing een enkele categorie die alles opslokt · snoep, snoepjes bij de supermarkt, kleine spullen bij De Action. Het bewustzijn van waar het heen gaat is de eerste stap naar keuzes.
Samengevat
- De Nibud-tabel is een goed startpunt · pas aan naar eigen gezin.
- Vast moment, vast bedrag. Consistentie wint.
- Zakgeld is geen beloning voor klusjes. Het is een leer-gereedschap.
- Laat verkeerde keuzes toe. Daar zit de les.
- Maak het geld zichtbaar · potjes, notitieboekje of een eigen dashboard.
- Gebruik spaardoelen voor grote wensen, zakgeld voor klein.
Samen vooruitkijken
Lize rekent door wat jullie keuzes betekenen voor de jaren die komen, zodat jullie samen rustig kunnen kiezen.
Probeer LizeLees ook